Meditatie - Gods (on)mogelijkheden
vrijdag 04 december 2009 16:42

“Want geen ding zal bij God onmogelijk zijn.” (Luk. 1: 37)

Ik heb mij nooit zo geïnteresseerd voor de beursberichten, maar sinds het begin van de kredietcrisis, waarbij er volgens ingewijden dingen gebeurden die sinds mensenheugenis niet hebben plaatsgevonden, houd ik het toch een beetje bij. De grafieken vertoonden - van Damrak tot Dow Jones – in het begin allemaal hetzelfde beeld. Een min of meer kronkelende lijn, die van links naar rechts steevast afloopt.

Een neergaande lijn, die in de richting van de ondergang wijst ... In feite is dat de ‘grafiek’ die weergeeft hoe het met heel de mensheid gesteld is, sinds in het Paradijs afscheid genomen werd van God. Het is dankzij Zijn grote genade dat de definitieve ondergang niet meteen op de dag van de zondeval werkelijkheid is geworden. Vanuit de moederbelofte wordt direct na de val juist heil en uitzicht gepreekt aan gevallen zondaren! Opvallend is echter dat de HEERE het vervullen van Zijn heilsbeloften laat plaatsvinden in een weg van crises, vastlopen en afbraak. En telkens als het – menselijkerwijs gesproken – helemaal verkeken is, en alle deuren in het slot gevallen zijn, opent Híj een venster dat uitzicht biedt op Zijn genade in Jezus Christus.

Het wonder
Dat voortdurende vastlopen van de mensen hangt in de loop van de heilsgeschiedenis vaak samen met onvruchtbaarheid en een onvervulde kinderwens. Dat zie je al bij Abraham en Sara. Naderhand komt ook hun zoon Izak met zijn vrouw Rebekka voor hetzelfde probleem te staan. De lijn die God bezig is te trekken op weg naar de komst van Christus lijkt onderbroken te gaan worden. En dan ineens, ongedacht en Goddelijk, breekt het licht door en loopt de lijn tóch door.

Ook tegen de tijd dat de Heere Jezus Zelf ter wereld zal komen, stuiten we op dezelfde dingen. De voorloper van de Heiland, Johannes de Doper, wordt geboren uit twee mensen, die volgens de Bijbelschrijver al ‘verre op hun dagen gekomen waren’ (Luk. 1: 7). De geboorte van de Zaligmaker Zelf zal een nog groter wonder zijn. Daar komt geen man aan te pas, verkondigt de engel aan de aanstaande moeder. Mede ten teken, dat het genadewerk dat door dit Kind gestalte zal krijgen, een wonder is dat geheel zonder menselijk toedoen deel geeft aan de zaligheid! Om het geloof van Maria te hulp te
komen, wijst de engel op het wonder dat zich inmiddels heeft voltrokken in het leven van haar nicht Elizabeth. Daarbij klinkt dat prachtige, hoopgevende woord: ‘Want geen ding zal bij God onmogelijk zijn!’ Een woord, dat herinneringen oproept aan wat indertijd gezegd werd tot die andere vrouw, die éigenlijk geen kind kon verwachten, Sara: ‘Zou iets voor den HEERE te wonderlijk zijn?’ (Gen. 18: 14)

God de eer
Het waarmaken van wat in onze ogen onmogelijk is ... dat is bij uitstek Gods werk. En in die weg krijgt Hij er ook alle eer van. Heeft u er al mee te maken gekregen? Dat u door Gods Geest ontdekt werd aan de ‘grafiek’ van uw geestelijke ‘beursnotering’? Een lijn, die uw geestelijke faillissement onthult, waardoor u gedoemd bent voor eeuwig om te komen? Voor wie die ontdekking mist, biedt het adventsevangelie geen troost. Wie nog zoveel reserves achter de hand heeft, krijgt rond de geboorte van Christus te horen: ‘Hij
zag geen rijken aan, maar heeft z’ in hunnen waan, gans ledig weggezonden’ (Lofzang van Maria vers 6). Zijn we echter door genade aan onze totale verlorenheid en armoede ontdekt? Voor het eerst of weer eens opnieuw? Hoor dan het onmogelijke evangelie van Gods mogelijkheden! ‘Maar Hij verhoogt en hoedt, het nederig gemoed, waarin Zijn Geest wil wonen’! (Lofzang van Maria vers 5)

ds. A. van der Zwan