Meditatie
Geschreven door ds. A.K. Wallet   
woensdag 11 april 2012 19:43

Wie met Mij niet is, die is tegen Mij; en wie met Mij niet vergadert, die verstrooit.’ (Luk. 11:23)

We kennen allemaal wel het spreekwoord ‘Zeg mij wie uw vrienden zijn en ik zal zeggen wie u bent’. Met wie je graag omgaat ben je bevriend. Heel absoluut geldt dat in het Koninkrijk van God. Ben je een vriend van Jezus of ben je het niet? Als je een vriend van Jezus geworden bent, zul je ook bij Hem te vinden zijn. Tijdens de omwandeling van Jezus op aarde is dat heel goed gebleken. Er waren nogal wat mensen die Zijn prediking bekritiseerden en Hem als rabbi diskwalificeerden.

Er waren de Farizeeën en andere hoogopgeleiden in de wet en de tradities van het Jodendom die het volk waarschuwden voor Jezus en Zijn werk. Zij zagen in Hem en concurrent en vreesden dat zij van hun leerstoelen af moesten en Jezus moesten laten leren. Hoe religieuzer een mens is, hoe moeilijker het wordt om te capituleren. Je hebt nu eenmaal je ingenomen stellingen. Als je die loslaat, ben je al je zekerheden die je zelf hebt opgebouwd kwijt.

Er waren wel mensen uit de geestelijke elite die door Jezus’ optreden tot Hem bekeerd werden, maar het merendeel kwam uit het circuit van de tollenaren en aanverwante lieden. Een mens laat eerder nog zijn ongerechtigheden los dan zijn eigengerechtigheden.

Er waren in Jezus’ dagen ook mensen die het alles lauw en koud liet, net als in onze tijd. Zij gingen wel eens uit een zekere nieuwsgierigheid naar Jezus luisteren en ze vonden het prachtig als die oversten een schaakmat werden gezet, want die geestelijken hadden volgens hen veel te veel praatjes. Prachtig zoals Jezus hun het zwijgen op kon leggen. Maar zelf een vriend van Jezus worden was er niet bij. Ach, we kennen zulke mensen ook wel in onze eigen omgeving. Er waren ook mensen die alleen bij Jezus te vinden waren als ze ziek waren of bijzondere zorgen hadden. Wie wil er niet graag beter worden? We zouden zo nog een poosje door kunnen gaan.

Wie met Mij niet is… Een klein deel was niet bij Jezus weg te slaan. Een groot deel ging weg, kritisch of onverschillig, hatelijk of tolerant, maar zonder Jezus. Een grote scheiding voltrekt zich; het komt ten opzichte van Jezus altijd tot een crisis. Die crisis gaat door tot na 2002, tot aan de wederkomst. Jezus zegt in ons vers: Wie met Mij niet is, die is tegen Mij. Het komt dus wel aan op een keuze. Er zijn nogal wat mensen in onze dagen die zeggen: ‘Och, ik heb er niets op tegen dat het Woord van Christus wordt verkondigd.’ Maar om met Christus te vergaderen, is voor hen een brug te ver. Je kunt toch wel geloven zonder kerk en zonder bijbelstudie. Wat maakt het allemaal uit? Als je maar een goede insteek hebt, als je maar verdraagzaam bent en niet discrimineert, dan ben je toch wel gelovig?

Jezus trekt een scherpe scheiding. Wie met Mij niet vergadert, die verstrooit! Als de Heilige Geest in ons hart werkt, dan kun je niet meer buiten Jezus. Dan gaan we roepen: Geef mij Jezus of ik sterf, want buiten Jezus is geen leven, maar een eeuwig zielsverderf. Dan zijn we daar te vinden waar Jezus beloofd heeft aanwezig te zijn. Wat een verlangen is er dan in ons hart om iets van Hem te mogen ontvangen. Wat een wonder, als we bij Hem mogen behoren. Met Hem mag ik dan voor God verschijnen, nu en in het uur van mijn dood. Heere Jezus, U kiest mijn hart voor eeuwig tot zijn Koning.