Meditatie - Paasbelijdenis – Christus is ons leven
Geschreven door Ds. J. H Velema   
donderdag 07 april 2011 22:59

Wanneer Christus zal geopenbaard zijn, Die ons leven is, dan zult ook gij met Hem geopenbaard worden in heerlijkheid.
Kolossenzen 3:4
Soms worden in lange zinnen vele woorden gebruikt, die in feite niets zeggen en soms kan in een bijzin de hoofdzaak of de eigenlijke achtergrond uitgedrukt worden. Let vooral op de bijzinnen – leerde een vroegere gymnasiumleraar ons. Paulus schrijft in een korte bijzin, een geweldige, diepborende Paasbelijdenis neer. Korter kan haast niet! Christus, Die ons leven is.  Maar dat is een woord met een rijke inhoud.

Verandering

De Paasboodschap is duidelijk: Jezus leeft. Heeft Hij het zelf niet gezegd: Ik ben de Opstanding en het Leven? Maar nu gaat het er niet alleen om dat wij dit telkens weer horen, maar dat wij dat persoonlijk geloven – niet als een heilshistorisch feit, maar als een werkelijkheid die op ons betrokken wordt. Niet alleen Christus het leven, maar Christus ons leven. Maar hoe kan dat? Immers zijn wij geestelijk dood en hebben geen enkele band met God. Er is niemand die God zoekt. Er is een diepe kloof tussen een dode zondaar en de levende God. Maar nu is Christus, Die het leven is, de dood ingegaan om het leven te verwerven voor zondaren, die dat niet kunnen en niet willen. En dat op zichzelf, hoe heerlijk ook, is nog niet genoeg. Maar door Zijn opstanding heeft Hij het recht en de bevoegdheid gekregen om dat leven uit te delen. Dat betekent de grote verandering in het leven van zondaren. Paulus heeft het in een andere brief krachtig geformuleerd: God die rijk in barmhartigheid door Zijn grote liefde heeft ons, ook toen wij dood waren door de misdaden, levend gemaakt met Christus en dat stempelt het leven. Niet meer ik leef, maar Christus leeft in mij. Het leven is mij Christus. Hij is mijn leven, het leven van allen, die door Zijn Geest in Hem leerden geloven en aan Hem verbonden worden voor eeuwig.

Verdieping

Dat houdt heel wat in. Door de verandering komt de verdieping. Immers als Christus ons leven wordt dan is Hij de grond, het fundament van ons leven; dan behoeven we niet meer heen en weer geschud te worden. Uit en door Hem mogen we leven. Hij is onze levenskracht. Wij zijn van onszelf zwak van moed en klein van krachten. Maar bij Hem is kracht. Hij is alles, heeft alles, geeft alles. Zijn leven mag ons leven worden en dat betekend dat bij Hem te vinden is wat wij niet bezitten en toch zo bitter nodig hebben in de gang van het leven; de strijd tegen de zonde; in de aanvechting van de vorst der duisternis; in de soms smartelijke beproevingen van ons leven, op de grens van ons bestaan – Hij is ons leven. Hij is ons levensdoel. Hij gaat het leven vervullen. Dat is het echte leven. We leren Hem steeds beter kennen. En ook steeds meer nodig hebben. Hij is de grote Ambtsdrager – Christus, de gezalfde tot de drie ambten en Hij leert mij God kennen en onderwijst me in Zijn weg en werk. Van Zijn liefdesoffer gaan we leven en Zijn liefde wekt onze wederliefde op. En we leren Hem steeds meer te gehoorzamen. Onder Zijn Koningsheerschappij zijn we zalig; zijn we vrij. Wat een veelomvattende Paasbelijdenis – Christus, die ons leven is.

Verwachting

Nu komt de hoofdzin, waarvan het geheim ligt in de bijzin. Eerst had Paulus geschreven: Uw leven is met Christus verborgen met God. De buitenstaander begrijpt niet wat daarvan het geheim is. Maar  ̳verborgen‘ betekent ook  ̳opgeborgen‘. Het leven is gewaarborgd. Er is een heerlijke verwachting; gewaarborgd in het verleden van Christus‘ doodsoverwinning en in het heilzame heden, want Christus is ons leven en nu kan het niet meer stuk. Christus ons leven – ja, het mag waar zijn, maar de uitstraling van het leven is nog niet in volle heerlijkheid. Er zijn nog zoveel machten en krachten die de glorie van het leven verdonkeren. Zou de dood het toch nog winnen? Inderdaad het leven is verborgen. Maar houd goede moed. Omdat Christus hun leven is zijn de gelovigen zo met hem verbonden en delen zij in Zijn totale gemeenschap, dat Zijn heerlijkheid de hunne wordt. Hij wordt straks geopenbaard in heerlijkheid bij Zijn glorieuze wederkomst, maar dan zullen ook zij openbaar worden in heerlijkheid. Zijn leven hun leven en daarom Zijn heerlijkheid hun heerlijkheid. Wat een heerlijke verwachting mogen allen wier leven Christus is van en door Hem hebben. In de eerste vier verzen wordt de naam van Christus vier keer genoemd het is alles aan Hem gebonden, in hem verankerd. Buiten deze Christus is er geen leven dat de naam leven waard is. Maar in en door Hem heeft de dood het verloren. Wie in Hem gelooft zal leven, ook al was hij of zij gestorven. In die verwachting kunnen we op aarde leven, door de hemel bepaald. In een doodscultuur kunnen we het uithouden en ten zegen zijn. Leeft U zo? – Wat een uitzicht Bruidsgemeente – eeuwig Hem ten eigendom.